Citaat | Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 3 maart 2020

Onder 4.14 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 3 maart 2020

Een alinea uit Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 3 maart 2020, ECLI:NL:OGEAA:2020:95.

Vast staat dat de naam van [gast] op de achterzijde van de iPad stond gegraveerd. [verzoekster] stelt dat zij dat niet heeft gezien. Divi acht het niet waarschijnlijk dat [verzoekster] dit over het hoofd heeft gezien. Het is echter, zo overweegt het gerecht, niet gebruikelijk dat eigenaren van een iPad hun naam op de achterzijde laten ingraveren. Er was voor [verzoekster] dan ook geen reden om de achterzijde daartoe te controleren. Het gerecht volgt Divi niet in haar stelling dat de ingegraveerde naam niet aan [verzoekster] ontgaan kan zijn. Uit de foto van de iPad (verweerschrift, prod. 6), waarop de iPad (min of meer) op ware grootte is afgebeeld, volgt dat de naam en woonplaats in kleine letters zijn gegraveerd. Waarom [verzoekster] (van een leeftijd waarop de meeste mensen een leesbril nodig hebben) dit niet over het hoofd kan hebben gezien, is het gerecht niet duidelijk. Het is niet waarschijnlijk dat [verzoekster] (i) wel de moeite heeft genomen om de iPad op te laden en dat zij (ii) vervolgens het telefoonnummer heeft gebeld dat zij op het scherm zag om aldus de eigenaar te achterhalen en dat zij dan vervolgens bewust zou hebben genegeerd dat de naam van de eigenaresse op de achterzijde stond gegraveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdece2eee2c5110852b45113ce2ac46826a12aae08287faaf1789cbfbe11eaec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdece2eee2c5110852b45113ce2ac46826a12aae08287faaf1789cbfbe11eaec, en de alinea staat in dat document op bytes 31098 tot 32376.