Citaat | Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 20 april 2020
Onder 4.7. [ Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 20 april 2020
Een alinea uit Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 20 april 2020, ECLI:NL:OGEAC:2020:337.
verweerders 3 en 4] voeren ter verweer aan dat [verzoekster] niet-ontvankelijk is in haar verzoek omdat de rechter in kort geding reeds zou hebben geoordeeld dat vast zou staan dat de erven van wijlen Fiel [familienaam A] geen juridische bevoegdheid hebben om huurovereenkomsten te sluiten ten aanzien van de percelen van plantage Gato. Verder stellen [verweerders 3 en 4] zich op het standpunt dat [verzoekster], en voor haar Chato Properties N.V., nimmer toestemming hebben gekregen van de erven [familienaam A] – die evenals de familie [familienaam B] afstammeling zouden zijn van één van de dertien vrijgemaakte slaven – om plantage Gato te beheren. Volgens hen kan het beheer ook niet enkel door [verzoekster] worden uitgevoerd, maar dient er sprake te zijn van beheer door een Stichting die breed gedragen wordt door de verschillende afstammelingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aa717627f68ba180b7af65b9da61d82e4e845c9424d054e50cc34f4bcfc6bfc3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aa717627f68ba180b7af65b9da61d82e4e845c9424d054e50cc34f4bcfc6bfc3, en de alinea staat in dat document op bytes 19116 tot 19991.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aa717627f68ba180b7af65b9da61d82e4e845c9424d054e50cc34f4bcfc6bfc3 | shasum -a 256