Citaat | Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 23 augustus 2016
Onder 4.37. Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 23 augustus 2016
Een alinea uit Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 23 augustus 2016, ECLI:NL:OGEAM:2016:51.
Door [C] wordt gesteld dat het door [A] en [B] gevorderde niet toewijsbaar is omdat op grond van artikel 7:226 lid 3 BW [C] niet is gebonden door alle bedingen van de huurovereenkomst, maar uitsluitend aan die bedingen is gebonden die “onmiddellijk verband houden met het doen hebben van het gebruik van de zaak tegen een door de huurder te betalen tegenprestatie” . [A] en [B] stellen dat hun vordering ook niet tot meer strekt dan dat, hetgeen het Gerecht onderschrijft. Vanzelfsprekend houdt dit in dat de timeshare owners, zodra [C] hen op de met [D] overeengekomen wijze weer toelaat tot het gebruik van het Resort en de appartementen, de onderhoudsbijdrage over het lopende jaar weer dienen te betalen. De RCI punten gaan niet mee over omdat deze niet onder dit wettelijk criterium vallen. Verder voert [C] aan dat een lid van [A] afstand heeft gedaan van de vordering. Het Gerecht verwijst naar lid 5 van artikel 3:305a BW waarin in een regeling is voorzien voor dergelijke gevallen zodat het Gerecht daarover geen beslissing hoeft te nemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/282ad2a0620d5d8daaf62f4a682e2d809fd6892032622ca16a74548eb6b46963. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 282ad2a0620d5d8daaf62f4a682e2d809fd6892032622ca16a74548eb6b46963, en de alinea staat in dat document op bytes 44583 tot 45683.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/282ad2a0620d5d8daaf62f4a682e2d809fd6892032622ca16a74548eb6b46963 | shasum -a 256