Citaat | Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 15 mei 2020
Onder 1.4.1 Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 15 mei 2020
Een alinea uit Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 15 mei 2020, ECLI:NL:OGEAM:2020:39.
Ik betaalde het geld altijd contant aan [verdachte]. Wij ontmoetten elkaar wekelijks. Wij zagen elkaar ook in het kantoor van [getuige 2]. Ik kreeg dan de autosleutels van [verdachte] en legde in een krant met daarin een enveloppe het geld in zijn auto. Ik haalde het liefst mijn geld contant op bij [bedrijfsnaam 10] ([AFK. BEDRIJFSNAAM 10]) die het geld op hun kantoor hadden liggen. Zij hadden dit geld ontvangen van hun andere klanten. Zij gaven mij dat geld contant en maakten het desbetreffende bedrag dan van mijn rekening over naar die van die klanten. [directrice bedrijf 11], de directeur van [AFK. BEDRIJFSNAAM 10] schreef ook wel cheques op naam voor mij uit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0ac92a55c69410e07b9bb5c71941c327869eb6c0ee0a476f546a5e1e72a9437. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0ac92a55c69410e07b9bb5c71941c327869eb6c0ee0a476f546a5e1e72a9437, en de alinea staat in dat document op bytes 76044 tot 76728.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e0ac92a55c69410e07b9bb5c71941c327869eb6c0ee0a476f546a5e1e72a9437 | shasum -a 256