Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 17 april 2012

Alinea 47 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 17 april 2012

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 17 april 2012, ECLI:NL:OGHACMB:2012:BW6261.

3.17. Uit het voorgaande volgt naar het voorlopig oordeel van het Hof dat het Land niet-ontvankelijk is in zijn vordering. In het bestreden vonnis is de vordering afgewezen, zodat dit kan worden bevestigd. Het Land dient de kosten van het hoger beroep aan de zijde van [geintimeerde] gevallen te dragen, rekening houdend met het financieel belang (inleidend verzoekschrift, onder 29-30).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c2e0b62fbd822da7814eebe2688c0b79afebd789018e9e276cc7a484d92a964. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c2e0b62fbd822da7814eebe2688c0b79afebd789018e9e276cc7a484d92a964, en de alinea staat in dat document op bytes 16653 tot 17053.