Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 28 februari 2014

Onder 2.4 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 28 februari 2014

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 28 februari 2014, ECLI:NL:OGHACMB:2014:18.

Vast staat dat het land de Nederlandse Antillen en vervolgens het Eilandgebied – sinds 10 oktober 2010 opgevolgd door het Land – te eniger tijd eigenaar waren van het perceel en dat [x] zich niet kan beroepen op verkrijging nadien onder bijzondere titel waarvoor inschrijving in de registers vereist is. [x] zal daarom feiten moeten stellen en zo nodig bewijzen waarop zijn verkrijging door verjaring berust (artikel 3:119 lid 2 BW). Daarmee ligt ook het risico dat die feiten onbewezen blijven bij [x].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f005f25d9167781e126ab53bb47d33d79bb1c846e409a477b313e95892ffb5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f005f25d9167781e126ab53bb47d33d79bb1c846e409a477b313e95892ffb5e, en de alinea staat in dat document op bytes 9148 tot 9668.