Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 28 februari 2014

Onder 2.15 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 28 februari 2014

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 28 februari 2014, ECLI:NL:OGHACMB:2014:18.

Uit hetgeen ten aanzien van de vordering in conventie is overwogen, volgt dat de in r.o. 2.14 onder i) weergegeven reconventionele vordering toewijsbaar is. De daarmee samenhangende onder iii) weergegeven vordering zal op grond van het bepaalde in artikel 5:2 BW worden toegewezen. Het Hof acht een termijn van zes maanden voor de ontruiming in de gegeven omstandigheden billijk. Daarbij neemt het Hof mede in aanmerking dat ter comparitie is gebleken dat met betrekking tot het perceel bouwplannen bestaan. De dwangsom zal op de hierna te vermelden wijze worden gemaximeerd. De onder ii) weergegeven vordering zal worden afgewezen omdat de omstandigheid dat [x] zonder (uitdrukkelijke) toestemming van het Land gebruik maakt van het perceel, niet zonder meer ertoe leidt dat dat gebruik jegens het Land onrechtmatig is, mede gelet op het feit dat [x] gedurende ongeveer dertig jaar het perceel voor het Land heeft gehouden en het Land het gebruik al die jaren klaarblijkelijk heeft gedoogd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f005f25d9167781e126ab53bb47d33d79bb1c846e409a477b313e95892ffb5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f005f25d9167781e126ab53bb47d33d79bb1c846e409a477b313e95892ffb5e, en de alinea staat in dat document op bytes 15939 tot 16944.