Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 18 februari 2014
Onder 2.1 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 18 februari 2014
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 18 februari 2014, ECLI:NL:OGHACMB:2014:24.
Art. 270 lid 5 Rv bepaalt, kort gezegd, dat indien niet tijdig vooruitbetaling plaatsvindt van het door de griffier getaxeerde bedrag, het hoger beroep vervalt. Het betreft hier een verval van rechtswege. Anders dan in Europees Nederland (art. 127a lid 3 jo. 353 RvNL en art. 282a lid 4 jo. 362 RvNL), bestaat in Curaçao geen wettelijke hardheidsclausule die het mogelijk maakt dat de rechter art. 270 lid 5 Rv buiten toepassing laat, indien hij van oordeel is dat toepassing van die bepaling, gelet op het belang van één of meer van de partijen bij toegang tot de rechter, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1248cef157fa512217146bc31f2fc3a0b4ab8e515e8e586cd8b476970a6a6eeb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1248cef157fa512217146bc31f2fc3a0b4ab8e515e8e586cd8b476970a6a6eeb, en de alinea staat in dat document op bytes 6155 tot 6799.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1248cef157fa512217146bc31f2fc3a0b4ab8e515e8e586cd8b476970a6a6eeb | shasum -a 256