Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 september 2014
Onder 2.11 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 september 2014
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 september 2014, ECLI:NL:OGHACMB:2014:51.
Pas als de toepassing van een boetebeding in de gegeven omstandigheden tot een buitensporig en daarom onaanvaardbaar resultaat leidt, mag de rechter gebruik maken van zijn in art. 6:94 BW gegeven bevoegdheid tot matiging. Daarbij zal de rechter niet alleen moeten letten op de verhouding tussen de werkelijke schade en de hoogte van de boete, maar ook op de aard van de overeenkomst, de inhoud en de strekking van het beding en de omstandigheden waaronder het is ingeroepen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f9266e59d7c6e5df00e9d76b33c3df8c6c259b748c0b31dbe757c500b396b59c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f9266e59d7c6e5df00e9d76b33c3df8c6c259b748c0b31dbe757c500b396b59c, en de alinea staat in dat document op bytes 15774 tot 16261.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f9266e59d7c6e5df00e9d76b33c3df8c6c259b748c0b31dbe757c500b396b59c | shasum -a 256