Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 september 2014
Onder 2.12.1 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 september 2014
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 september 2014, ECLI:NL:OGHACMB:2014:51.
Volgens de stellingen van [x] heeft hij op 31 oktober 2010 telefonisch aan de heer [y] (hierna: [y]) van Korpodeko te kennen gegeven dat hij niet langer wenste te investeren in DAE en toonde deze daar begrip voor (zie productie 3 bij conclusie van antwoord). Vervolgens zou [x] rond 4 december 2010 telefonisch aan [y] hebben medegedeeld dat hij "doende was voor DAE een andere investeerder te vinden", aldus een brief van 3 maart 2011 van de toenmalige advocaat van [x] (productie 4 bij conclusie van antwoord). De in de SPA neergelegde overeenkomst is op
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f9266e59d7c6e5df00e9d76b33c3df8c6c259b748c0b31dbe757c500b396b59c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f9266e59d7c6e5df00e9d76b33c3df8c6c259b748c0b31dbe757c500b396b59c, en de alinea staat in dat document op bytes 16683 tot 17253.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f9266e59d7c6e5df00e9d76b33c3df8c6c259b748c0b31dbe757c500b396b59c | shasum -a 256