Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 21 juni 2017
Onder 4 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 21 juni 2017
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 21 juni 2017, ECLI:NL:OGHACMB:2017:54.
5.4 Ingevolge artikel 18, lid 2 van de ALL vormt het niet (tijdig) doen van aangifte van een aangiftebelasting een verzuim ter zake waarvan de Inspecteur een boete kan opleggen van ten hoogste Naf. 2.500. Deze bepaling is uitgewerkt in artikel 4 van de Ministeriele beschikking administratieve boeten, P.B. 2001-148, (hierna Beschikking). In artikel 4, lid 3, in combinatie met artikel 4, lid 1 van de Beschikking is geregeld dat, indien de belastingplichtige de aangifte winstbelasting niet of niet tijdig heeft gedaan, de Inspecteur bij een eerste verzuim een boete oplegt van Naf 250.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/724d26424107e3b79ecb5d37e0da1fa3aa73b05aa477b2c602bad810fbba2431. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 724d26424107e3b79ecb5d37e0da1fa3aa73b05aa477b2c602bad810fbba2431, en de alinea staat in dat document op bytes 12419 tot 13021.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/724d26424107e3b79ecb5d37e0da1fa3aa73b05aa477b2c602bad810fbba2431 | shasum -a 256