Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 februari 2018
Onder 2.14 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 februari 2018
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 2 februari 2018, ECLI:NL:OGHACMB:2018:31.
Het vonnis waarvan beroep dient te worden bevestigd. [appellante] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Blijkens de memorie van antwoord is Saba in rechte vertegenwoordigd geweest door de Gezaghebber en is de zaak zijdens Saba behandeld geweest door een bestuursjurist. Niet is gesteld dat deze functionarissen aanspraak kunnen maken op salaris als bedoeld in art. 61 onder g Rv. Er zal dus geen bedrag voor dergelijk salaris worden begroot.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78ced2199179ff7094bf538943585c0fe302c4da736087a8feca8ca2fa19375d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78ced2199179ff7094bf538943585c0fe302c4da736087a8feca8ca2fa19375d, en de alinea staat in dat document op bytes 18220 tot 18734.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/78ced2199179ff7094bf538943585c0fe302c4da736087a8feca8ca2fa19375d | shasum -a 256