Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 16 januari 2018
Onder 2.15 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 16 januari 2018
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 16 januari 2018, ECLI:NL:OGHACMB:2018:6.
Indien [appellant] in de gelegenheid is gesteld op 10 en 11 juni 2010 de bijlagen van het rapport in te zien (dit is tussen partijen betwist), doet dat aan voornoemd oordeel niet af. Ook indien [appellant] in de gelegenheid is gesteld om terug te komen om het conceptrapport en de bijlagen opnieuw in te zien, doet dat aan voornoemd oordeel niet af. Weliswaar biedt dat een en ander aan [appellant] een ruimere gelegenheid om commentaar op het conceptrapport voor te bereiden, maar het blijft zo dat [appellant] het conceptrapport niet toegezonden kreeg en niet mocht meenemen en dat deze keuze van EY niet gerechtvaardigd is in het licht van het voorschrift van art. 3.1 van de Gedragsrichtlijn. De bewijsaanbiedingen die EY in dit verband gedaan heeft (zie conclusie van dupliek onder 8), worden daarom bij gebrek aan belang gepasseerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5a0f66ed1619fcac489b0109d09b69ef31dafd0dff038c72ef3972ff965787ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5a0f66ed1619fcac489b0109d09b69ef31dafd0dff038c72ef3972ff965787ff, en de alinea staat in dat document op bytes 29257 tot 30108.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5a0f66ed1619fcac489b0109d09b69ef31dafd0dff038c72ef3972ff965787ff | shasum -a 256