Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 30 april 2019
Onder 2.12 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 30 april 2019
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 30 april 2019, ECLI:NL:OGHACMB:2019:67.
Waar de rechtsmacht ten aanzien van de (primaire) vordering inzake de aansprakelijkheid van een uit hoofde van een ex artikel 213 Insolvency Act in te stellen vordering ontbreekt, kan niet reeds op grond van artikel 77 Rv (of analogisch artikel 8 lid 2 van de Brussel I bis-Verordening) bevoegdheid worden aangenomen ten aanzien van de subsidiaire (als vrijwaring) betitelde vordering. In zoverre slaagt grief 2.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebc53ce752e3b7a8a562f3adbc977c324ef93449db169dd1f85e7003b6adda6c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebc53ce752e3b7a8a562f3adbc977c324ef93449db169dd1f85e7003b6adda6c, en de alinea staat in dat document op bytes 67742 tot 68168.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ebc53ce752e3b7a8a562f3adbc977c324ef93449db169dd1f85e7003b6adda6c | shasum -a 256