Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 7 mei 2021

Onder 3.2 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 7 mei 2021

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 7 mei 2021, ECLI:NL:OGHACMB:2021:131.

Het Gerecht heeft bij eindvonnis de vorderingen tot vernietiging van de overdrachtsakten – door de curator aangeduid als – A tot en met G afgewezen. Kort samengevat heeft het Gerecht daaraan het volgende ten grondslag gelegd. Uit hetgeen de curator heeft aangevoerd kan niet worden afgeleid dat er sprake is van “onverplichte” verkoop waarvan de familie [Naam 1] wist of behoord te weten dat daarvan benadeling van de schuldeisers het gevolg zou zijn, zoals bedoeld in artikel 38 lid 1 Faillissementsbesluit. De curator heeft voorts geen concrete feiten en omstandigheden ten grondslag gelegd aan zijn stelling dat feitelijk niet althans een te lage prijs is betaald voor de appartementen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d55dbfacfce0557e02854e477034468aab7eb457115e648dcc49c8d368c24206. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d55dbfacfce0557e02854e477034468aab7eb457115e648dcc49c8d368c24206, en de alinea staat in dat document op bytes 12303 tot 13013.