Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 18 oktober 2022
Onder 2.7 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 18 oktober 2022
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 18 oktober 2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:110.
Pas als de weigering om aanvullende schadevergoeding toe te kennen tot een onaanvaardbaar resultaat leidt, mag de rechter gebruik maken van zijn bevoegdheid tot toekenning van aanvullende schadevergoeding. Daarbij zal de rechter niet alleen moeten letten op de verhouding tussen de werkelijke schade en de hoogte van de boete, maar ook op de aard van de overeenkomst, de inhoud en de strekking van het beding en de omstandigheden waaronder het is ingeroepen (vergelijk voor art. 6:94 lid 1 BW van Nederland onder meer HR 27 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ6638).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7b4ce50d04fd44a92a046facebffbd9983ebfeaba94784ad2845c0a330ad28b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7b4ce50d04fd44a92a046facebffbd9983ebfeaba94784ad2845c0a330ad28b, en de alinea staat in dat document op bytes 16713 tot 17286.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7b4ce50d04fd44a92a046facebffbd9983ebfeaba94784ad2845c0a330ad28b | shasum -a 256