Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 8 november 2022

Onder 3.7 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 8 november 2022

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 8 november 2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:232.

Zoals hiervoor vastgesteld gaat het hier om een beslag ter uitvoering van een arbitraal vonnis van 19 februari 2018 (hierna: het arbitraal vonnis) met als plaats van arbitrage Rio de Janeiro, Brazilië. Bij de processtukken bevindt zich noch het arbitraal vonnis, noch het verlof tot tenuitvoerlegging van dat vonnis. Wel heeft Huntington als productie 7 bij het inleidend verzoekschrift een exploot overgelegd waarin valt te lezen dat de deurwaarder op 10 juli 2019 aan Bopec een grosse heeft betekend van een vonnis van 30 januari 2019 van het Gerecht, met de mededeling dat in dit vonnis verlof tot tenuitvoerlegging van het arbitraal vonnis is gegeven. Het Gerecht heeft dit ook als vaststaand feit aangenomen (r.ov 2 sub e) en daartegen is geen grief gericht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b966767584e64ebe783017d0623d0e5cee9a98b1d48bcf5552b07880731af309. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b966767584e64ebe783017d0623d0e5cee9a98b1d48bcf5552b07880731af309, en de alinea staat in dat document op bytes 15882 tot 16660.