Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 8 november 2022

Onder 3.25 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 8 november 2022

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 8 november 2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:232.

De vraag is of de omstandigheden in dit specifieke geval aanleiding geven tot vereenzelviging van Venezuela en PDVSA in die zin dat van Bopec als derdebeslagene mocht worden verwacht dat zij bij het afleggen van haar derdenverklaring niet alleen moest vermelden of zij iets verschuldigd is (of uit een bestaande rechtsverhouding zal worden) of iets onder zich heeft van de beslagdebiteur Venezuela, maar ook van PDVSA vanwege de gestelde vereenzelviging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b966767584e64ebe783017d0623d0e5cee9a98b1d48bcf5552b07880731af309. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b966767584e64ebe783017d0623d0e5cee9a98b1d48bcf5552b07880731af309, en de alinea staat in dat document op bytes 28776 tot 29244.