Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 20 mei 2022

Onder 2.7 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 20 mei 2022

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 20 mei 2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:279.

Bij de beantwoording van deze vraag dienen de volgende omstandigheden in aanmerking te worden genomen. Allereerst zijn dit de hiervoor onder rov. 2.4 reeds genoemde omstandigheden, te weten dat Alegria op het moment van de overdracht ervan op de hoogte was dat de zaak verhuurd is, dat zij bij de bepaling van haar bod op de veiling met de risico’s daarvan rekening heeft kunnen houden en dat de huurders aanmerkelijk nadeel lijden indien hun na de overdracht niet langer het huurgenot van de zaak wordt verschaft. Verder acht het Hof van belang de omstandigheden dat tussen partijen vast staat dat zowel Kildare als de bank – anders dan Alegria in haar brief van 13 augustus 2014 aan de timeshare-nemers heeft bericht (zie de feiten onder 2.2.8) – hebben ingestemd met de verhuur en dat de leden van TOCA, waaronder [geïntimeerde] c.s., de huursommen volledig vooruit hebben betaald.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a1cfae88fae0fea67a8552f4e17158f3c72ee09137d4163ce175abb93ed663d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a1cfae88fae0fea67a8552f4e17158f3c72ee09137d4163ce175abb93ed663d4, en de alinea staat in dat document op bytes 19247 tot 20151.