Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 30 juli 2024

Onder 3.57. Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 30 juli 2024

Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 30 juli 2024, ECLI:NL:OGHACMB:2024:232.

De taak van de civiele executierechter is in beginsel beperkt tot de beoordeling van de rechtmatigheid en opportuniteit van de executie. Zo is denkbaar dat de executant geen belang heeft bij de tenuitvoerlegging of dat de gekozen wijze van tenuitvoerlegging onrechtmatig is. Schendingen van algemene beginselen van behoorlijk bestuur die niet (tijdig) aan de belastingrechter of LAR-rechter zijn voorgelegd, zijn ook denkbaar. In zoverre is er overeenstemming met het verzet ingevolge de Landsverordening dwanginvordering, waarvan artikel 4 lid 3 spreekt van ‘kan nimmer gericht zijn tegen de wettigheid of de hoegrootheid van het gevorderde bedrag, noch gegrond zijn op de bewering dat aanspraak zou bestaan op ontheffing of vermindering’.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/878027a71f8b9320e1b396aafeca44043d1ce03a2855c533149fa9ee201d6b14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 878027a71f8b9320e1b396aafeca44043d1ce03a2855c533149fa9ee201d6b14, en de alinea staat in dat document op bytes 63457 tot 64214.