Citaat | Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 26 november 2024
Onder 2.13. Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 26 november 2024
Een alinea uit Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 26 november 2024, ECLI:NL:OGHACMB:2024:297.
Mochten [appellant] c.s. uiteindelijk (ondanks de MCB-verklaring) niet met het geld op te proppen komen om aan de vordering wegens overbedeling te voldoen, dan moeten na zoveel tijd procederen (tien jaar) de onroerende zaken te koop worden gezet, op de wijze door het Gerecht in diens eindvonnis bepaald, behalve dat, voor zover de zaken niet aangrenzend zijn, verkoop niet noodzakelijkerwijs in hun geheel, in één, hoeft plaats te vinden. Het Hof zal dit opnemen in het dictum met een termijn van een jaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3e04d01f2d2f0adde9db7aa275280b0aa07810ae2b3f982b32b60c15a9e3e1d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3e04d01f2d2f0adde9db7aa275280b0aa07810ae2b3f982b32b60c15a9e3e1d4, en de alinea staat in dat document op bytes 16797 tot 17319.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3e04d01f2d2f0adde9db7aa275280b0aa07810ae2b3f982b32b60c15a9e3e1d4 | shasum -a 256