Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 1923
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 12 januari 1923
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 1923, ECLI:NL:PHR:1923:2.
Met deze blijkbaar aan art. 190 der Grondwet en art. 138 der Provinciale Wet ontleende, eenigszins vage uitdrukking wordt juist gedoeld op den zich vaak in den nacht der eeuwen verliezenden historischen aanleg van het Waterschap, zijn geschiedenis en karakter (zie Schepel, Waterschapswetgeving, blz. 38/39). Het behoeft geen betoog, dat, wanneer deze „inrichting" van het „waterschap voldoende is om een bevel van Gedep. Staten te wettigen, bij welks uitvoering met eigendomsrechten geen rekening gehouden wordt, zij ook de handelingen van het Waterschap zelve kan wettigen, welke het verricht zonder zoodanig bevel af te wachten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96d5eeb93f5ca5a895ca80918e7fe23748397acb046e78f8d0173a6edfdef5cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96d5eeb93f5ca5a895ca80918e7fe23748397acb046e78f8d0173a6edfdef5cb, en de alinea staat in dat document op bytes 13629 tot 14277.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/96d5eeb93f5ca5a895ca80918e7fe23748397acb046e78f8d0173a6edfdef5cb | shasum -a 256