Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 1923

Alinea 3 Parket bij de Hoge Raad 12 januari 1923

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 1923, ECLI:NL:PHR:1923:2.

Het geschil tusschen eischeres en verweerders, voorzoover nog in cassatie van belang, betreft de vraag, of op den aan eerstgenoemde toekomenden eigendom van zekere perceelen land, deel uitmakende van Schielands Hoogen Zeedijk langs den IJssel, onrechtmatig inbreuk is gemaakt doordien dit Hoogheemraadschap aan 't Hoen last heeft gegeven, ten einde dien dijk te verzwaren, gemelde perceelen om te graven en met aarde op te hoogen en 't Hoen dit gedaan heeft, waarbij de oprel op een dier perceelen is weggegraven en een watering in die perceelen is dichtgegooid. Het bestreden arrest beantwoordde deze vraag ontkennend en bevestigde mitsdien de reeds in eersten aanleg uitgesproken ontzegging der door eischeres op grond van die handelingen tegen de verweerders ingestelde vordering tot herstel der perceelen in den vorigen toestand met machtiging op haar, bij niet voldoening hieraan, dit herstel op kosten der verweerders zelf tot stand te brengen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96d5eeb93f5ca5a895ca80918e7fe23748397acb046e78f8d0173a6edfdef5cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96d5eeb93f5ca5a895ca80918e7fe23748397acb046e78f8d0173a6edfdef5cb, en de alinea staat in dat document op bytes 4210 tot 5173.