Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 1958
Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 1 april 1958
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 1958, ECLI:NL:PHR:1958:8.
[betrokkene 1] verklaarde o.a .: dat [medeverdachte] hem, [betrokkene 1] , in de periode 24 juni 1956 - eind juli 1956 had medegedeeld, dat hij, [betrokkene 1] en een ander, f. 20.000 zouden krijgen voor het van kant maken van [slachtoffer] ; dat, omdat [betrokkene 2] uit de mond van requirant zelf wilde vernemen, dat hij, [betrokkene 1] , en [betrokkene 2] na de moord ieder f. 20.000 zouden ontvangen, met requirante is afgesproken, dat zij, [betrokkene 1] en [betrokkene 2] , op 19 augustus 1956 zouden ontmoeten; dat requirante op zondag 19 augustus 1956, in het café van [B] aan de [a-straat] te [plaats] , op de vraag van [betrokkene 2] , hoe het zat met die f. 20.000, had geantwoord, dat zij, [betrokkene 1] en [betrokkene 2] , na de moord ieder f. 20.000 zouden ontvangen; dat hij toen besloten was de moord op [slachtoffer] met [betrokkene 2] samen te plegen; dat het hem om het geld ging en dat hij erop vertrouwde, dat hij, [betrokkene 1] , en [betrokkene 2] dat zouden krijgen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e64fd15ada74b29f5dcee233dbe107372b4ee4893ae690d3dd4b11ab1bc639eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e64fd15ada74b29f5dcee233dbe107372b4ee4893ae690d3dd4b11ab1bc639eb, en de alinea staat in dat document op bytes 21347 tot 22417.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e64fd15ada74b29f5dcee233dbe107372b4ee4893ae690d3dd4b11ab1bc639eb | shasum -a 256