Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 1958
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 1 april 1958
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 1958, ECLI:NL:PHR:1958:8.
Op deze bewijsmiddelen, waarvan ik de inhoud zakelijk weergaf, kon de gewraakte bewezenverklaring m.i. zeer zeker berusten. Mede kon uit deze verklaringen m.i. worden afgeleid, dat [betrokkene 1] en [betrokkene 2] zijn uitgelokt door de door requirante en [medeverdachte] gezamenlijk gedane beloften. Requirante en [medeverdachte] werkten ten nauwste samen met het oog op het uit de weg ruimen van [slachtoffer] . Dit blijkt uit de door de bewijsmiddelen gestaafde aankoop van de revolver te Luik. Hieruit kon m.i. worden afgeleid, dat ook de door [medeverdachte] aan [betrokkene 1] gedane belofte en de bevestigende herhaling daarvan door requirante jegens [betrokkene 1] en [betrokkene 2] ingevolge overleg en samenwerking tussen requirante en [medeverdachte] geschied moet zijn. Het in het zevende onderdeel van Middel VI ontwikkelde bezwaar moge hiermede tevens weerlegd zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e64fd15ada74b29f5dcee233dbe107372b4ee4893ae690d3dd4b11ab1bc639eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e64fd15ada74b29f5dcee233dbe107372b4ee4893ae690d3dd4b11ab1bc639eb, en de alinea staat in dat document op bytes 23690 tot 24659.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e64fd15ada74b29f5dcee233dbe107372b4ee4893ae690d3dd4b11ab1bc639eb | shasum -a 256