Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 oktober 1966

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 20 oktober 1966

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 oktober 1966, ECLI:NL:PHR:1966:AB6689.

Waar het voorgestelde middel mij in al zijn onderdelen onaannemelijk voorkomt, vind ik geen aanleiding mij uit te laten over het door de eiser in cassatie aangevoerde verweer dat [eiser] geen belang heeft bij vernietiging van het bestreden arrest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b35fc8ff3d66dcf14181ddf0def4fe911ffa491d269563920edc311644c525b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b35fc8ff3d66dcf14181ddf0def4fe911ffa491d269563920edc311644c525b2, en de alinea staat in dat document op bytes 15366 tot 15626.