Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 1968
Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 1968
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 1968, ECLI:NL:PHR:1968:1.
Er is geen rechtsregel aanwijsbaar waaruit volgt dat, wil het gedane beroep op rechtsverwerking slagen, voldaan moet zijn aan de vereisten of aan een der vereisten die eiser stelt, zodat het voorgestelde middel m.i. faalt. Met de geëerde pleiter voor de verweerster ben ik van mening dat het in cassatie alleen de vraag kan zijn of het door Calot gedane beroep op verwerking van de bevoegdheid van [eiser] om zijn beweerde recht te vervolgen gerechtvaardigd is in de door het Hof vastgestelde omstandigheden van dit concrete geval, en dat de vraag, of het niet protesteren door [eiser] als bedoeld door het Hof al of niet oplevert een zodanige houding of gedraging van [eiser] dat het als strijdig met de goede trouw moet worden beschouwd dat door hem, [eiser] , volledige betaling van de koopsom wordt gevorderd, zich bezwaarlijk leent voor beantwoording in cassatie wanneer men de door het Hof vastgestelde omstandigheden van dit geval buiten beschouwing laat. De vraag schijnt mij veeleer te zijn: of het niet tijdig protesteren door [eiser] als bedoeld door het Hof (d.w.z. het niet tijdig protesteren tegen de gekorte afrekeningen) en het zonder tijdig protest aanvaarden van de in r.o. 16 van het interlocutoir arrest bedoelde betalingen, gedragingen zijn van [eiser] , en wel gedragingen die rechtsverwerking opleveren. Voor de beantwoording van deze vraag schijnt mij relevant of [eiser] recht heeft op volledige betaling, of hij dit wist of kon weten, of hij zich zodanig heeft gedragen dat Calot zijn gedraging kon opvatten als het prijsgeven van de bevoegdheid om dit recht te vervolgen, of er voor [eiser] aanleiding bestond om tijdig te protesteren en — zo ja — of een niet doen — een niet tijdig protesteren — aan [eiser] kan worden toegerekend (vgl. Esser, Schuldrecht, 2e Aufl., 1960, § 35, 5, p. 122/3; Larenz, Lehrbuch, 8e Aufl., 1967, § 10, b, p. 111/12; Staudinger II, Teil 1 b, 11e Aufl., 1961, D 608–624, p. 912 e.v.).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aeb77433a5631af3a3b471c60eb9cc1b76a9c93a98236f8bb7564b3454e4a7a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aeb77433a5631af3a3b471c60eb9cc1b76a9c93a98236f8bb7564b3454e4a7a4, en de alinea staat in dat document op bytes 5725 tot 7692.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aeb77433a5631af3a3b471c60eb9cc1b76a9c93a98236f8bb7564b3454e4a7a4 | shasum -a 256