Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 1977

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 14 september 1977

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 1977, ECLI:NL:PHR:1977:AX3189.

De Bruijn t.a.p., blz. 194, rekent tot de ontstaanseisen, "dat de oprichter beoogd heeft een rechtspersoonlijke organisatie in het leven te roepen…. Nu zal er wel een aanwijzing te vinden zijn voor de wil om een rechtspersoon te creëren in de naleving van de in art. 3 gestelde vormvereisten, doch dit is tenslotte niet meer dan een aanwijzing. Uit de inhoud der oprichtingshandeling zal duidelijk moeten blijken, dat de oprichter een rechtspersoon in het leven wil roepen." Anders J.M. Polak, De Wet op stichtingen, 1956, blz. 44: "onder vigueur van de wet is enkel beslissend, of de in artikel 3 gestelde formele vereisten zijn in acht genomen. Zo ja, dan is er een stichting; de wil doet daarbij niet ter zake"; J.A. Th. J.M. Duynstee, Beschouwingen over de stichting naar Nederlands privaatrecht, 1970, blzz. 5 v. en 36 e.v. Verg. voorts Asser, a.w., 3e druk door W.C.L. van der Grinten, 1959, blzz. 293 e. v .; Ph.A.N. Houwing, W. P.N. R. 4943 d.d. 25 maart 1967, jaargang 98, blz. 140 v., rechtsvraag I; A. Pitlo en G.Meijling, Supplement op Het personenrecht, 3e druk, 1967, blz.57.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/700fdf2fa28f75e9c239e549d4acee4cc7e2c857b90b4de2ef850650effe6a99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 700fdf2fa28f75e9c239e549d4acee4cc7e2c857b90b4de2ef850650effe6a99, en de alinea staat in dat document op bytes 12833 tot 13938.