Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 1977
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 14 september 1977
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 1977, ECLI:NL:PHR:1977:AX3189.
Naar het mij voorkomt, vindt de zienswijze van het Hof steun in de tekst van art. 3, lid 4, Wet op stichtingen, uit welke tekst volgt, dat voor het ontstaan van een stichting slechts de formele eisen van art. 3, leden 1-3, Wet op stichtingen mogen worden gesteld. Weliswaar bevat de wetsgeschiedenis aanwijzingen, dat civielrechtelijke gebreken van de oprichtingshandeling tot nietigheid van de stichting zouden leiden, maar zij biedt - afgezien van de uitdrukkelijke regeling van art. 2 Wet op stichtingen - slechts voorbeelden van uitdrukkelijk in het Burgerlijk Wetboek genoemde gebreken van testamenten, die de totstandkoming van een na dode opgerichte stichting zouden verhinderen. Soortgelijke voorbeelden van gebreken in "een rechtshandeling" (art. 1, lid 1, Wet op stichtingen) "onder de levenden" (art.3, lid 1, Wet op stichtingen) heeft de wetgever niet voor ogen kunnen hebben, nu het Burgerlijk Wetboek daaraan geen uitdrukkelijke eisen stelt. Weliswaar zou ten aanzien van rechtshandelingen in het algemeen bij wege van anticiperende rechtsvinding het ontwerp voor een nieuw Burgerlijk Wetboek geraadpleegd kunnen worden (zie in het bijzonder art. 3.2.2., thans in 1976-1977 - 3770, no. 13), maar daar staat voor dit bijzondere geval tegenover, dat art.290 boek 2 B.W. het ontstaan van de stichting nog duidelijker dan art. 3, lid 4, Wet op stichtingen abstraheert van gebreken in de oprichtingshandeling. Ik meen dan ook, dat aan de tekstuele uitlegging van art. 3, lid 4, Wet op stichtingen geen afbreuk wordt gedaan door andere factoren van rechtsvinding. Voorts zou ik hetgeen ten dezen in de fiscale jurisprudentie (H.R. 17 oktober 1973, BNB 1974/21; Hof 's-Hertogenbosch 7 november 1975, BNB 1976/136) is beslist, minder overtuigend achten dan hetgeen daartegen in de litteratuur is aangevoerd. Ik meen dan ook, dat het Hof niet behoefde te onderzoeken, of de wil van de oprichter van de Stichting daadwerkelijk gericht was op de totstandkoming van een afzonderlijk rechtssubject.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/700fdf2fa28f75e9c239e549d4acee4cc7e2c857b90b4de2ef850650effe6a99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 700fdf2fa28f75e9c239e549d4acee4cc7e2c857b90b4de2ef850650effe6a99, en de alinea staat in dat document op bytes 19895 tot 21907.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/700fdf2fa28f75e9c239e549d4acee4cc7e2c857b90b4de2ef850650effe6a99 | shasum -a 256