Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 februari 1977

Alinea 5 Parket bij de Hoge Raad 24 februari 1977

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 februari 1977, ECLI:NL:PHR:1977:AX3510.

De belanghebbende was sinds 1955 directeur-zaakvoerder van de rechtspersoon, de vereniging " [A] " (hierna te noemen " [A] "). Op 10 februari 1972 heeft [A] zich bij verzoekschrift tot de Kantonrechter te Roermond gewend met het verzoek wegens gewichtige redenen de arbeidsovereenkomst ontbonden te verklaren (art. 1639w, lid 1, 1e volzin, Burgerlijk Wetboek – B.W.). De Kantonrechter heeft bij beschikking van 29 december 1972 de arbeidsovereenkomst ontbonden verklaard met ingang van 1 januari 1973 en – (ik citeer de thans bestreden uitspraak, rechtsoverweging 2, blz. 3)" op grond van de overweging dat het met het oog op de omstandigheden van de zaak billijk voorkomt aan belanghebbende ten laste van [A] een vergoeding toe te kennen in overeenstemming met het bepaalde bij art. 1639 W van het Burgerlijk Wetboek" – aan de belanghebbende ten laste van [A] een vergoeding toegekend ten bedrage

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a33654c4ced3397ba2de362bc4ac724f6a833b1ae5fd7e33fb0fca263398567. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a33654c4ced3397ba2de362bc4ac724f6a833b1ae5fd7e33fb0fca263398567, en de alinea staat in dat document op bytes 4541 tot 5478.