Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 1978

Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 1978

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 1978, ECLI:NL:PHR:1978:AC6325.

[eiser] vorderde, in kort geding. primair veroordeling van [verweerder] om mee te werken aan het transport van voornoemd perceel, en subsidiair [verweerder] te verbieden over te gaan tot vervreemding daarvan aan een ander totdat in rechte zal zijn uitgemaakt tegen welke prijs [verweerder] dat perceel aan [eiser] zal moeten laten. De president van de Rechtbank te Zwolle heeft bij vonnis d.d. 29 juni 1976 de primaire vordering ontzegd en de subsidiaire vordering - met een thans niet ter zake doende beperking - toegewezen. In hoger beroep bekrachtigde het Hof te Arnhem bij voormeld arrest d.d. 17 oktober 1977 het beroepen vonnis voor zover daarbij aan [eiser] zijn primaire vordering is ontzegd en vernietigde dat vonnis voor het overige, met ontzegging van de subsidiaire vordering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fe96e99cd9237fabd38f177301480aae505b747738397c6c6cccee0a5ae4752. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fe96e99cd9237fabd38f177301480aae505b747738397c6c6cccee0a5ae4752, en de alinea staat in dat document op bytes 7272 tot 8081.