Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 januari 1979

Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 19 januari 1979

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 januari 1979, ECLI:NL:PHR:1979:AC6464.

Het incidenteel cassatiemiddel stelt aan de orde de vraag of het rechtsmiddel van hoger beroep ook de gelegenheid biedt om bij wijze van vermeerdering van eis ingeval van een periodiek opeisbare inschuld in de loop van het geding vervallen termijnen te vorderen, welke niet in het in eerste aanleg verkregen vonnis waren begrepen. Ik ben geneigd tot een bevestigende beantwoording van deze vraag. Immers het rechtsmiddel van hoger beroep biedt degene, die het instelt de gelegenheid tot herstel van hetgeen hij in eerste aanleg heeft verzuimd (HR. 17 februari 1978 NJ. 1978, 623 m.n. W.H.H.). Ik zou wel menen, dat de eis moet worden gesteld, dat in het in eerste aanleg gewezen vonnis niet alle tot op de datum van het vonnis vervallen termijnen zijn begrepen, omdat, wanneer dat wel het geval is niet gesproken kan worden van een in eerste aanleg begaan verzuim. Of deze situatie zich in een bepaald geding voordoet, staat ter beoordeling van de appelrechter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3a6b8f8a9d8cf81968fada68118279b48185313ef07532b3ab4a559b755ada14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3a6b8f8a9d8cf81968fada68118279b48185313ef07532b3ab4a559b755ada14, en de alinea staat in dat document op bytes 12886 tot 13860.