Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 december 1979

Alinea 60 Parket bij de Hoge Raad 12 december 1979

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 december 1979, ECLI:NL:PHR:1979:AX0249.

Ad a . Bij de formulering van de voor navordering te stellen eisen heeft de wetgever onder meer het oog gehad op de uit de jurisprudentie bekende onvolledige bekendheid van de inspecteur met de feiten van het geval en op de uit de jurisprudentie eveneens bekende dubia omtrent de juiste inhoud van rechtsregels. Hij heeft niet het oog gehad op menselijke vergissingen die (H.R. 6 juni 1973, BNB 1973/161) "zonder enige denkbare reden" gemaakt worden ten gevolge van onbewaakte ogenblikken in des inspecteurs eigen werkzaamheid, in de werkzaamheden van anderen en in de samenwerking tussen hen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee0853800f7f7b76f5e17caf13e2f18f2c8c05c240ad0f73f81e0cd21becf9c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee0853800f7f7b76f5e17caf13e2f18f2c8c05c240ad0f73f81e0cd21becf9c5, en de alinea staat in dat document op bytes 31034 tot 31687.