Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 1979
Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 1979
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 1979, ECLI:NL:PHR:1979:AX2764.
Ad a . Klaarblijkelijk rezen bij de Inspecteur na kennisneming van de aangifte en vergelijking met de voorafgaande aangifte vragen die hem aanleiding gaven tot nader onderzoek. In die situatie zou hij volgens vaste jurisprudentie een ambtelijk verzuim begaan, indien hij met de aanslagregeling voortging zonder de uitslag van het onderzoek af te wachten (H.R. 18 november 1925, B. 3699; 22 september 1954, BNB 1954/305; 13 oktober 1954, BNB 1954/339 met noot Smeets; Hof Amsterdam 5 maart 1971, nr. 320/1970 E, FED, Alg.W.Rijksbel. : Art. 16:32). De Inspecteur wachtte echter wel degelijk het antwoord d.d. 7 september 1971 van de heer [K] op zijn vragen af en constateerde toen, dat hem nog steeds relevante informatie ontbrak. Begrijpelijkerwijs zocht hij deze bij zijn ambtgenoot, Inspecteur [P], met wie volgens mededeling van de heer [K] overleg was gepleegd, en bij de ambtsopvolger van de heer [P], nu deze inmiddels was overgeplaatst. Van hen werd hij niet wijzer. Zou de Inspecteur in deze situatie zijn voortgegaan zonder het onderzoek voort te zetten, dan zou van ambtelijk verzuim sprake zijn geweest (zie Hof 's-Gravenhage 29 november 1961, BNB 1962/195). Hij stelde dan ook nadere vragen aan de heer [K].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e3236deb04f54a9bcc8c2ae4c4e4f2ca25fd34d261dbf6bd01e32e580b144017. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e3236deb04f54a9bcc8c2ae4c4e4f2ca25fd34d261dbf6bd01e32e580b144017, en de alinea staat in dat document op bytes 58165 tot 59441.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e3236deb04f54a9bcc8c2ae4c4e4f2ca25fd34d261dbf6bd01e32e580b144017 | shasum -a 256