Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 1979
Alinea 90 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 1979
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 1979, ECLI:NL:PHR:1979:AX2764.
De Inspecteur ontving vervolgens van de heer [K] een afschrift van een brief van de heer [P], waarin naar voorafgegane correspondentie werd verwezen. Op dit ogenblik moet de Inspecteur beseft hebben, dat ergens in het ambtelijke apparaat iets verzuimd was: de heer [P] had immers, naar de Inspecteur toen bekend was, één of meer brieven verzonden die, van belang waren voor de heffing van de inkomstenbelasting van verscheidene belastingplichtigen, en daarvan waren te bestemder plaatse noch afschriften, noch renseignementen voorhanden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e3236deb04f54a9bcc8c2ae4c4e4f2ca25fd34d261dbf6bd01e32e580b144017. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e3236deb04f54a9bcc8c2ae4c4e4f2ca25fd34d261dbf6bd01e32e580b144017, en de alinea staat in dat document op bytes 59447 tot 59999.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e3236deb04f54a9bcc8c2ae4c4e4f2ca25fd34d261dbf6bd01e32e580b144017 | shasum -a 256