Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 januari 1981

Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 9 januari 1981

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 januari 1981, ECLI:NL:PHR:1981:AG4161.

In deze feitelijke zin en tegen deze feitelijke achtergrond mocht [betrokkene 1] van [eiser] verwachten hetgeen het Hof in r.o. 5 overweegt. Zo lag de taakverdeling tussen partijen volgens het Hof. Dit oordeel is feitelijk en niet onbegrijpelijk. Hierin steekt ook een belangrijk verschil met H.R. 30 november 1973, N.J. 1974 no. 97 (G.J.S.), omtrent middel II. Aangezien de toezegging van het tipgeld op de koop volgde, geldt in die verhouding niet anders.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcebe2f0a54cd9606e37010cb11a021656105ce0d6bcc9fc6f7941f41b5cc9b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcebe2f0a54cd9606e37010cb11a021656105ce0d6bcc9fc6f7941f41b5cc9b3, en de alinea staat in dat document op bytes 25241 tot 25713.