Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 1983
Alinea 15 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 1983
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 1983, ECLI:NL:PHR:1983:AB7540.
Ik meen, dat er ook deswege alle aanleiding is voor een functionele aanpak, omdat, zou Uw Raad zich op historische en grammaticale gronden, gelijk het Hof, tot een enge interpretatie van het begrip letsel beperken, men de m.i. toch wel onaanvaardbare situatie zou krijgen, dat alleen culpa met dodelijk gevolg strafbaar is, terwijl het geval, waarbij dit laatste door tijdig medisch ingrijpen nog kan worden afgewend (gelijk hier) als zodanig straffeloos zou blijven. De wetgever zou dan moeten ingrijpen door, gelijk hij in art. 300 Sr. heeft gedaan, de “benadeling van de gezondheid” in te voegen. Langs deze weg heeft men wel met succes een niet dodelijk geëindigde vergiftiging vervolgd: HR 25 februari 1929, W 11972. Ik meen echter, dat rubricering als lichamelijk letsel in beginsel mogelijk is, waar de wet hierin niet voorziet. Vgl. over de betrekkelijkheid van dit verschil Noyon-Langemeijer III, zevende druk, p. 970.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfb91c97c5edb7043457e664f0d009f6ecd57d5f336781f4ae7306a45a124a9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfb91c97c5edb7043457e664f0d009f6ecd57d5f336781f4ae7306a45a124a9e, en de alinea staat in dat document op bytes 10401 tot 11346.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cfb91c97c5edb7043457e664f0d009f6ecd57d5f336781f4ae7306a45a124a9e | shasum -a 256