Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 1983

Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 1983

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 1983, ECLI:NL:PHR:1983:AB7540.

ik meen inderdaad, dat moet worden aangenomen - gelet ook op de vaststellingen die het Hof inzake het subsidiaire telastegelegde heeft gedaan - dat het Hof wel tot een bewezenverklaring zou zijn gekomen, als het niet de opvatting was toegedaan, dat onder (zwaar) lichamelijk letsel niet kon worden begrepen, het onderhavige nadeel: een extreem hoog bloedsuikergehalte, een sterke verzuring van het bloed, alsmede verstoring van de zout-water-huishouding, zodat de vrouw zou zijn overleden, als zij niet direct (in een ziekenhuis) zou zijn behandeld. Eet Hof heeft deze verschijnselen slechts kunnen zien als een “inwendige biochemische ontregeling, die zonder lichamelijke schade na te laten binnen betrekkelijk korte tijd hersteld kan worden”. De “vertaling” van de deskundige Brandt van deze “ontregeling” in lichamelijk letsel zou te ruim zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfb91c97c5edb7043457e664f0d009f6ecd57d5f336781f4ae7306a45a124a9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfb91c97c5edb7043457e664f0d009f6ecd57d5f336781f4ae7306a45a124a9e, en de alinea staat in dat document op bytes 6245 tot 7117.