Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 1983

Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 1983

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 1983, ECLI:NL:PHR:1983:AD2221.

5. Daaruit volgt dat de immuniteit ‘’plaatselijk’’ is, dat wil zeggen uitsluitend ter vergadering geldt: enerzijds is het alleen daar dat het met de vertegenwoordiging te behartigen belang het vrijuit spreken vordert, anderzijds heeft ook alleen daar de voorzitter het in de hand dat men niet over de schreef gaat (zie Voorduin a.w. p. 252/3, Buijs a.w. p. 537/8, De Vos van Steenwijk, a.w. p. 113, P.J. Oud, Handboek voor het Ned. Gemeenterecht I, 1956 p. 244/5 en Oud, Het constitutioneel recht I, 1967, p. 598, en B. Burger e.a., Ned. Gemeenterecht 1971, p. 74).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/721eb71d999fe74d6cb5c731768a9b9bf36dbc0c209f525488f149f9bd2a02be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 721eb71d999fe74d6cb5c731768a9b9bf36dbc0c209f525488f149f9bd2a02be, en de alinea staat in dat document op bytes 9071 tot 9658.