Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 december 1985
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 13 december 1985
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 december 1985, ECLI:NL:PHR:1985:2.
Aangezien echter niet wordt aangevoerd dat de stukken te omvangrijk zouden zijn, of niet tijdig tevoren ter kennis van de wederpartij gebracht, meen ik dat het incidenteel verzoek van [eiser] behoort te worden afgewezen, vergelijk HR 8-4-1983 NJ 1984, 717 sub 3 met conclusie mr. Franx sub 2, HR 6-1-1984 RvdW 1984, 20 rov. 3.8.3.3 en HR 19-10-1984 NJ 1985, 213 G.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25493d7efa9e87d48165b764dc43c27039fb0b89c586a9440c62f10575fbbe19. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25493d7efa9e87d48165b764dc43c27039fb0b89c586a9440c62f10575fbbe19, en de alinea staat in dat document op bytes 15027 tot 15404.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/25493d7efa9e87d48165b764dc43c27039fb0b89c586a9440c62f10575fbbe19 | shasum -a 256