Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 december 1985

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 13 december 1985

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 december 1985, ECLI:NL:PHR:1985:2.

15. Sub 6 van de namens [eiser] overgelegde pleitnotities wordt (ten overvloede) nog opgemerkt dat E & L t.a.v. verzekering B. in strijd met het bepaalde in art. 281 WvK zou hebben gehandeld. Dat door deze handelwijze de premievervaldagen zouden zijn verschoven kan, als novum in cassatie, m.i. door Uw Raad niet worden onderzocht, En het Hof behoefde niet te onderzoeken of art. 281 WvK juist was nageleefd; ook indien dit niet het geval was, zou dat immers niet van invloed zijn op de vraag waar het in dit geding om gaat: namelijk of verzekering B. nog van kracht was op het tijdstip dat het verzekerd voorval plaatsvond. Middel I acht ik ongegrond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25493d7efa9e87d48165b764dc43c27039fb0b89c586a9440c62f10575fbbe19. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25493d7efa9e87d48165b764dc43c27039fb0b89c586a9440c62f10575fbbe19, en de alinea staat in dat document op bytes 18673 tot 19342.