Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 mei 1985

Alinea 11 Parket bij de Hoge Raad 7 mei 1985

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 mei 1985, ECLI:NL:PHR:1985:AB9795.

De kans is niet uitgesloten dat hij reeds voor 11 maart 1985 afgelopen was, "gevangen" was genomen. Van tweeën één: ofwel men kan geen doodslag plegen zonder dat het slachtoffer gelijktijdig met dat handelen sterft, óf de handelingen die doodslag opleveren, kunnen in tijd voorafgaan aan het overlijden. De eerste opvatting betekent juridisch vertaald, dat steeds als het slachtoffer niet onmiddellijk overlijdt, er slechts sprake kan zijn van zware mishandeling de dood ten gevolge hebbend. Het komt mij duidelijk voor, dat dàt standpunt niet houdbaar is. Het gaat er om of het opzet van de dader gericht was (al dan niet voorwaardelijk) op het doden en zo dàt het geval is - en de dood vervolgens en dientengevolge intreedt - is er sprake van doodslag. De weerstand die de levenswil van het slachtoffer aan de opzet van de dader om te doden biedt, is slechts in die zin van belang dat zó de weerstand triomfeert, en het slachtoffer blijft leven er slechts sprake is van (strafbare) poging tot doodslag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09fd313ec86f6042e33b159231d6fbea3b1f64f775484fdf63b434f2915beb54. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09fd313ec86f6042e33b159231d6fbea3b1f64f775484fdf63b434f2915beb54, en de alinea staat in dat document op bytes 5659 tot 6707.