Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 april 1985

Alinea 10 Parket bij de Hoge Raad 16 april 1985

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 april 1985, ECLI:NL:PHR:1985:AC8903.

Het tweede middel stelt dat het Hof het vonnis van de Rechtbank niet had mogen bevestigen, omdat de bewijsvoering niet in orde is. Voor het bewijs is gebezigd een proces-verbaal, inhoudende als verklaring van [betrokkene 3] dat de cocaïne, die in de woning aan de [a-straat 1] te [plaats] is aangetroffen, van hem is. Dit bewijsmiddel zou, gelet op het feit dat verzoeker ontkent ook maar iets met het hem telastegelegde feit te maken te hebben, de bewijsvoering onbegrijpelijk maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dac0a07d7e6c86fb41dc39d86d90e0913df660f52eb8eda2b31e1c3af3ecdc10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dac0a07d7e6c86fb41dc39d86d90e0913df660f52eb8eda2b31e1c3af3ecdc10, en de alinea staat in dat document op bytes 5109 tot 5646.