Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 april 1985
Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 16 april 1985
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 april 1985, ECLI:NL:PHR:1985:AC8903.
Aan de orde is de vraag of de vondst van de cocaïne in het naast de geyser in de keuken hangende kastje het resultaat is van een door de verbalisanten onbevoegd verrichte huiszoeking. Het Hof beantwoordt deze vraag ontkennend. Het acht daarbij van belang dat volgens het proces-verbaal van binnentreden niets is verbroken, alsmede dat het onderzoek in het keukenkastje van zo eenvoudige en weinig ingrijpende aard is, dat — althans zo versta ik het Hof — niet van een ‘’echte’’ (gerichte) huiszoeking sprake is, doch slechts van opsporingshandelingen die binnen de doelomschrijving van de in art. 121 Sv. bedoelde, aan de verbalisanten verstrekte, last vallen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dac0a07d7e6c86fb41dc39d86d90e0913df660f52eb8eda2b31e1c3af3ecdc10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dac0a07d7e6c86fb41dc39d86d90e0913df660f52eb8eda2b31e1c3af3ecdc10, en de alinea staat in dat document op bytes 10215 tot 10902.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dac0a07d7e6c86fb41dc39d86d90e0913df660f52eb8eda2b31e1c3af3ecdc10 | shasum -a 256