Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 maart 1985
Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 19 maart 1985
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 maart 1985, ECLI:NL:PHR:1985:AC9105.
Middel 2, zich beroepend op de tekst van art. 98 Sv., met name op het woordje ‘’bij’’, heeft zijn weerlegging reeds gevonden in het hierboven naar aanleiding van middel 1 aangevoerde. Het beroep dat de Heer requirant doet op de belangenafweging door Uw Raad toegepast in zijn arrest inzake het gepretendeerde verschoningsrecht van de registeraccountant (HR 25 okt. 1983, NJ 1984, no. 132) gaat m.i. niet op, omdat daar een geheel andere belangenafweging aan de orde is, terwijl evenmin een rol kan spelen, dat de correspondentie in casu van civielrechtelijke aard zal zijn. De wetgever onderscheidt nl. niet in dit opzicht en ook uit een oogpunt van praktikabiliteit zou zo’n onderscheid niet wel te maken zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbc88be3f4e8f0c328e3666a618310605ae1c40c00d7e489c227e9eed5b9a861. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbc88be3f4e8f0c328e3666a618310605ae1c40c00d7e489c227e9eed5b9a861, en de alinea staat in dat document op bytes 11097 tot 11832.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bbc88be3f4e8f0c328e3666a618310605ae1c40c00d7e489c227e9eed5b9a861 | shasum -a 256