Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 1986

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 1986

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 1986, ECLI:NL:PHR:1986:AC9608.

Middel II onder a voert met een beroep op rechtspraak van Uw Raad aan, dat het Hof onjuist heeft geoordeeld met betrekking tot de valsheid van de standaardbankverklaringen. Het komt mij voor, dat het Hof hier een feitelijk oordeel heeft uitgesproken, dat in cassatie niet met kans op succes is aan te vallen. Het Hof heeft nl. kennelijk op grond van de aard van deze formulier-verklaringen, die in de financiële wereld algemeen worden gebezigd en erkend, aangenomen dat het weglaten van de betrokken gegevens tegenover derden als misleidend moet worden aangemerkt. Een accountant bijv., die zich wil oriënteren omtrent de financiële toestand van een bedrijf krijgt, een dergelijke onvolledige verklaring raadplegende, een vals beeld. M.a.w. de vergelijking met - kort gezegd - multiple choice gaat niet op. Hier verwacht men wèl vermelding, en mag men dat doen. Daarvan is het Hof uitgegaan, en daarvan kon het college uitgaan in het licht van de stukken, van ervaringsregels en van hetgeen omtrent het functioneren van deze verklaringen algemeen bekend is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ce54819f864be35293700759971190156ab024c0ed91d661dc80a382e50f1f3d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ce54819f864be35293700759971190156ab024c0ed91d661dc80a382e50f1f3d, en de alinea staat in dat document op bytes 7763 tot 8837.