Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 september 1986

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 10 september 1986

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 september 1986, ECLI:NL:PHR:1986:AD7440.

Wat de vervolgingsuitlevering betreft, meen ik ook, dat er voldoende aanwijzingen zijn, als wij ervan uitgaan, dat de deelnemingsvorm medeplegen in het geding is. De opgeëiste persoon is immers kennelijk een van de grote organisatoren van en deelnemers aan deze zorgvuldig voorbereide uitbraak geweest waarbij het doden van niet meewerkende bewakers was ‘einkalkuliert'. Men kan stellen, dat het inderdaad niet hoogst onwaarschijnlijk is, dat hij als medepleger zou worden veroordeeld. Als medepleger kan men in Nederland immers ook worden veroordeeld, als men niet zelf rechtstreeks aan het delict heeft meegedaan, maar het wel heeft georganiseerd en op deze wijze wezenlijk heeft geparticipeerd in het criminele gebeuren. Vgl. HR 26 mei 1981, NJ 1981, 570.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd4808deccdd21ceecad623a6b803682c08473d57f6855c78525c63578aa0fe4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd4808deccdd21ceecad623a6b803682c08473d57f6855c78525c63578aa0fe4, en de alinea staat in dat document op bytes 13494 tot 14268.