Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 1987
Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 1987
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 1987, ECLI:NL:PHR:1987:2.
Uit het feit dat tot dusver de wetgever zich van ingrijpen heeft onthouden, mag worden afgeleid dat de vrijheid van de ondernemer om met vreemd dan wel met eigen vermogen te financieren onverkort in stand is gebleven. Maar voor verdergaande gevolgtrekkingen acht ik geen ruimte aanwezig. Dat de belastingadministratie verplicht zou zijn als geldlening te aanvaarden wat zich als zodanig voordoet, kan zeker niet uit de aangehaalde passage worden afgeleid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/34326be8a398b04dc90395c307e860c514f3df28bf2d6ad8271359050fef0263. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 34326be8a398b04dc90395c307e860c514f3df28bf2d6ad8271359050fef0263, en de alinea staat in dat document op bytes 29405 tot 29874.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/34326be8a398b04dc90395c307e860c514f3df28bf2d6ad8271359050fef0263 | shasum -a 256