Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 1989

Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 1989

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 1989, ECLI:NL:PHR:1989:AD0613.

Naar mijn mening heeft het hof aldus in r.o. (6)-(23) zijn oordeel in r.o. (27), tweede zin, voldoende onderbouwd. Daarbij heeft het hof m.i. de positie van Staatsbosbeheer niet op onjuiste wijze in aanmerking genomen. SBB was, aldus het hof, “buitenstaander”, d.w.z. een niet bij de transacties polder/[eisers] betrokken derde, voor wie de door het weigeringsbesluit ontstane rechtstoestand niet zodanig doorzichtig was dat ook SBB - op straffe van onrechtmatigheid jegens [eisers] - het Kroonberoep had moeten afwachten alvorens te kopen. ‘s Hofs gedachtengang is rechtens niet onjuist en niet gebrekkig gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/192bc5998a1344586580fcf17fc534784d34c79784f35771508a6ce76af8bbe7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 192bc5998a1344586580fcf17fc534784d34c79784f35771508a6ce76af8bbe7, en de alinea staat in dat document op bytes 29850 tot 30487.