Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990

Onder 4.30. Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 1990, ECLI:NL:PHR:1990:13.

"(blz. 1300, vanaf regel 57) De bestreden uitspraak moet ( ... ) (blz. 1301, tot en met regel 14) aldus worden verstaan dat belanghebbende over het onderhavige jaar aangifte heeft gedaan van een belastbaar inkomen van f 9559,16 ( ... ) dat hij bij die aangifte een bedrag van ten minste f 2000 ter zake van door hem over dat jaar uit onderverhuring genoten zuivere inkomsten heeft verzwegen [en dat] niet gezegd kan worden dat belanghebbende niet de vereiste aangifte heeft gedaan ( ... ), welk oordeel klaarblijkelijk daarop berust dat in de zienswijze van het Hof het verzwegen bedrag in verhouding tot het als belastbaar inkomen aangegeven bedrag niet als aanzienlijk kan worden aangemerkt. ( ... ) Gezien de hoogte van het bedrag aan verzwegen inkomsten in verhouding tot het als belastbaar inkomen aangegeven bedrag, en mede gelet op het op zichzelf beschouwd geringe bedrag (f 350) van de belasting verschuldigd ter zake van de verzwegen inkomsten, is het Hof zonder schending van [art. 29, lid 2, AWR] tot zijn ( ... ) oordeel kunnen komen. "

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 85f1a53c3aa8c4c935670f5f99454a762e3470cdb6abf36411a5ccb4065d0751, en de alinea staat in dat document op bytes 48005 tot 49067.